Respons, representativiteit en weging survey gemeentemonitor

Respons

Van de 274.136 aangeschreven personen vulden 115.872 personen een vragenlijst in. Dat geeft een bruto-respons van 42,3%. Na een extra controle viel dit aandeel terug op 39% (107 827 personen). Bij de extra controle gingen we na of het aangegeven geslacht en geboortejaar van de respondent overeenstemde met de oorspronkelijke data. Tegelijk deden we een kwaliteitscontrole op de ingevulde vragenlijst zelf. Van de 107.827 personen die een vragenlijst invulden, deed 33,9% dat schriftelijk en 66,1% online.  

Representativiteit

De gerealiseerde steekproef kampt met een lichte vertekening door de oververtegenwoordiging van bepaalde groepen en de ondervertegenwoordiging van andere groepen.

Vrouwen vulden iets vaker de vragenlijsten in dan mannen. Er zijn minder jongeren en jongvolwassenen onder de respondenten dan in de werkelijke populatie. De andere leeftijdscategorieën zijn licht oververtegenwoordigd. Vooral in de leeftijdsgroep 55-75-jarigen merken we een oververtegenwoordiging.

Respons naar geslacht, nationaliteit en leeftijd, in %.

 

Populatie (vanaf 17j)

Netto-steekproef (ongewogen)

Man

49,0

47,4

Vrouw

51,0

52,6

 

 

 

Belg

93,6

95,8

niet Belg

6,4

4,2

 

 

 

17-24

11,0

8,5

25-34

13,8

10,3

35-44

15,4

12,3

45-54

18,3

17,8

55-64

16,9

21,9

65-74

12,8

18,1

75+

11,9

11,1

 

Weging

De gerealiseerde steekproef kampt met een vertekening door de oververtegenwoordiging van bepaalde groepen en de ondervertegenwoordiging van andere groepen. Om die non-responsvertekening te ondervangen, berekenden we gewichten voor de uiteindelijke steekproef. De weging houdt rekening met twee dingen: ten eerste met de leeftijd-/geslachtverdeling in alle gemeenten en ten tweede met de bevolkingsomvang van de gemeenten.

De gewogen steekproef is representatief voor de kenmerken leeftijd en geslacht in alle gemeenten en ook voor alle 295 gemeenten samen. Als bepaalde kenmerken samenhangen met leeftijd en/of geslacht dan zal de gewogen verdeling voor die kenmerken anders zijn dan de ongewogen verdeling. We veronderstellen dat – ook al kunnen we dat moeilijk of niet bewijzen – dat de gewogen verdeling de werkelijke verdeling beter weergeeft dan de ongewogen variant. Omdat de kans op non-respons uiteraard ook nog samenhangt met veel andere kenmerken, kan die weging natuurlijk niet alle non-responsvertekening uitsluiten.